Hoe kan ik besmet raken met resistente bacteriën?
Mensen kunnen niet ´besmet´ raken. Bacteriën kunnen resistentie ontwikkelen als ze in aanraking komen met antibiotica. Daarom zijn artsen terughoudend met het geven van een antibioticakuur. Mensen kunnen dus resistent worden wanneer te vaak en te veel antibiotica wordt gebruikt. Daarnaast kunnen mensen onbewust resistente bacteriën meenemen uit het buitenland. Bijvoorbeeld na een ziekenhuisopname op een vakantiebestemming. Tenslotte kan de bacterie worden opgelopen in de (pluim)veehouderij.
Naar boven
Wat is het risico van resistente bacteriën voor mensen?
Bacteriën met ESBL’s (bacteriën die resistent zijn) komen voor bij mensen en dieren. Iemand die drager is van bacteriën met ESBL’s hoeft geen problemen te krijgen. Maar bij een infectie bestaat de mogelijkheid dat de patiënt resistent blijkt te zijn tegen bepaalde antibiotica. Een behandeling kan dan bijvoorbeeld niet direct of helemaal niet aanslaan.
Naar boven
Hoe vinden controles op het gebruik van antibiotica plaats?
De veehouderij beschikt over een nationaal programma voor het continu en onafhankelijk toetsen op het gebruik van verboden stoffen zoals hormonen of verboden diergeneesmiddelen / antibiotica in vlees(producten) of dieren. Daarnaast worden door de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) in slachthuizen steekproeven genomen. In Nederland worden zeer af en toe overschrijdingen aangetroffen.
Naar boven
Worden mensen ziek door het gebruik van antibiotica in de veehouderij?
Vlees op de Nederlandse markt is streng gecontroleerd op de aanwezigheid van restanten van geneesmiddelen. Maar, ook gebruik van teveel antibiotica in de veehouderij kan eraan bijdragen dat bacteriën op termijn resistent worden voor antibiotica. Om die dreiging voor de volksgezondheid en de gezondheid van dieren te voorkomen, moet het gebruik van antibiotica worden teruggedrongen.
Naar boven
Cefalosporinen zijn antibiotica die worden ingezet bij ernstige infecties bij mensen. Wordt dit soort antibiotica ook toegepast in de varkenshouderij waardoor deze middelen niet meer werken bij mensen?
Cefalosporinen is een naam voor een groep antibiotica. Een aantal daarvan mag worden gebruikt bij dieren en zijn daarvoor geregistreerd. Registratie betekent dat deze antibiotica bij goed gebruik effectief en veilig zijn voor mensen, dieren en voor het milieu. In de varkenshouderij worden cefalosporinen sporadisch, en alleen voor enkele individuele gevallen, gebruikt. De Nederlandse varkenshouderij werkt volgens een lijst waarop geneesmiddelen staan die mogen worden gebruikt. De lijst is vastgelegd in het kwaliteitssysteem IKB. In 2010 moet elk varkensbedrijf beschikken over een bedrijfsgezondheidsplan. Dierenartsen en varkenshouders moeten volgens dit plan werken waardoor vastligt welke, en hoeveel, antibiotica in een bedrijf wordt voorgeschreven. Volgens het IKB kwaliteitssysteem worden op de bedrijven elk jaar audits uitgevoerd door onafhankelijke geaccrediteerde controleorganisaties.
Naar boven
Kan ik resistent worden tegen antibiotica als ik vlees eet?
Vlees in de winkel is vrij van antibiotica. Dieren die met antibiotica zijn behandeld mogen pas naar de slachterij worden vervoerd als er een wachttermijn is verstreken zodat zeker is dat alle restanten van de antibiotica uit het dier zijn verdwenen. Hier wordt continu op gecontroleerd. Dit gebeurt tijdens officiële keuring door onafhankelijke organisaties. Daarnaast zorgt de vleessector zelf ook voor continue controles via verschillende kwaliteitssystemen (http://www.vlees.nl/dossiers/kwaliteit-en-controle/kwaliteit-en-controle/)
Resistent worden door het eten van vlees is dus vrijwel onmogelijk.
Naar boven
Ik eet vlees. Kan ik bij een infectie nog wel goed behandeld worden met antibiotica?
Een arts kan alles vertellen over een infectie. Bij de belangrijkste antibiotica die in de gezondheidszorg worden gebruikt, is nog geen sprake van resistentie. Vlees in de winkel is vrij van antibiotica.
Naar boven
Wat is de frequentie van ESBL-bacteriën bij de verschillende dieren?
Het RIVM heeft in Nederland onderzoek gedaan naar ESBL's bij groepen dierlijke producten, waarbij vooral kip naar voren kwam en in mindere mate andere vleessoorten. (zie ook www.rivm.nl). Het RIVM heeft aanbevelingen gedaan aan de overheid voor het verder reduceren van het gebruik van antibiotica in de veehouderij als één van de routes voor het helpen beperken van resistentie. Deze hebben geleid tot een kabinetsstandpunt dat het gebruik in drie jaar tijd gehalveerd zou moeten zijn.
Wat betreft de roodvleessectoren, waarover www.vlees.nl communiceert, kan ik u melden dat al geruime tijd plannen van aanpak in uitvoering zijn ten aanzien van het (fors) verder terugdringen van het antibioticagebruik op het boerenbedrijf in de Nederlandse veehouderij. Dat geldt voor de runder-, de kalver en de varkenssector. De vleessector is zich zeer bewust van de problematiek en spant zich stevig in om goede oplossingen te helpen bevorderen.In kwaliteitsystemen zoals IKB is overigens rond het verantwoord gebruik van diergeneesmiddelen al geruime tijd geregeld dat wachttijden in acht worden genomen als waarborg om te voorkomen dat middelen nog in dieren zitten, als die ter slacht worden aangeboden. Diergeneesmiddelen moeten eerst uitgewerkt zijn.Tenslotte kunnen 'bacteriële vraagstukken' rond voeding eenvoudig opgelost worden bij verhitting van het product (boven 60 à 70 graden) en met hygiënisch handelen in de keuken.
Naar boven